De publicatie van de UAV 2012 (versie 2025)

Geplaatst op 03 mrt 2025 De publicatie van de UAV 2012 (versie 2025)

De publicatie van de UAV 2012 (versie 2025)

Op 26 februari 2025 zijn de “Uniforme Administratieve voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 (UAV 2012 (versie 2025))” gepubliceerd. De UAV 2012 (versie 2025) bevat een belangrijke aanpassing in de regeling over de aansprakelijkheid na oplevering (§ 12), die is doorgevoerd naar aanleiding van de inwerkingtreding van de Wet kwaliteitsborging (Wkb) op 1 januari 2024. Daarnaast zijn er enkele redactionele aanpassingen gedaan.


De UAV 2012 en de Wet kwaliteitsborging  

In art. 7:758 lid 3 BW en § 12 lid 1 en 2 UAV 2012 is beschreven dat een aannemer na oplevering niet meer aansprakelijk is voor gebreken, tenzij sprake is van zgn. ‘verborgen gebreken’. De Wkb heeft een nieuw lid 4 toegevoegd aan art. 7:758 BW. Op grond hiervan is de aannemer bij aanneming van “bouwwerken” na oplevering aansprakelijk voor gebreken die bij de oplevering van het werk niet door de opdrachtgever zijn ontdekt, tenzij deze gebreken niet aan de aannemer zijn toe te rekenen.

De regeling van art. 7:758 lid 4 BW is van toepassing op alle overeenkomsten voor aanneming van bouwwerken die zijn gesloten sinds 1 januari 2024, tenzij uitdrukkelijk van deze regeling is afgeweken. In consumentenovereenkomsten is afwijken van art. 7:758 lid 4 BW niet toegestaan. In andere overeenkomsten is afwijken wel mogelijk, mits dit uitdrukkelijk in de overeenkomst zelf is vastgelegd.

Een afwijking via algemene voorwaarden, zoals de UAV, is niet rechtsgeldig. Als in een overeenkomst voor aanneming van een bouwwerk de UAV 2012 van toepassing zijn en niet uitdrukkelijk is afgeweken van art. 7:758 lid 4 BW, dan is § 12 lid 1 UAV 2012 in bepaalde gevallen (ver)nietig(baar). In dat geval geldt voor de aansprakelijkheid na oplevering de regeling van art. 7:758 lid 3 of 4 BW. Dit zorgt voor rechtsonzekerheid, omdat in de praktijk discussie kan ontstaan over de toepassing van de vervaltermijnen van § 12 UAV en de vraag of er sprake is van een “werk” of “bouwwerk”.


De UAV 2012 (versie 2025) en de aanpassingen t.o.v. de UAV 2012

De tekst van § 12 lid 1 en 2 UAV 2012 is niet overgenomen in de UAV 2012 (versie 2025). Voor de aansprakelijkheid na oplevering geldt de regeling van art. 7:758 lid 3 BW (aanneming van werk) of art. 7:758 lid 4 BW (aanneming van bouwwerken). De tekst van § 12 lid 4 is wel aangepast. Hierdoor vervalt de aansprakelijkheid uit hoofde van art. 7:758 lid 3 of 4 BW na verloop van 5 of 10 jaar, in plaats van de wettelijke verjaringstermijn van 10 of 20 jaar. De nieuwe regeling zorgt voor rechtszekerheid ten aanzien van de vervaltermijnen.

De tekst van § 12 UAV 2012 (versie 2025) neemt niet weg dat in de praktijk discussie kan ontstaan over de vraag of er sprake is van een “werk” of “bouwwerk”. In tegenstelling tot de UAV-GC 2025 biedt de tekst van de UAV 2012 (versie 2025) zelf ook niet de mogelijkheid om af te wijken van de Wet kwaliteitsborging. Als (zakelijke) partijen willen afwijken van de regelingen van art. 7:758 lid 3 en/of 4 BW, dan moet dit apart in de overeenkomst zelf worden geregeld.



Wilt u meer weten over de gevolgen van deze wijziging en/of de (on)mogelijkheden om af te wijken van art. 7:758 lid 3 en 4 BW? Neem dan contact op met één van onze advocaten.

Terug naar het nieuwsoverzicht